 De Sterrenschool is bedacht door een denktank van mensen die werkzaam zijn bij organisaties in en om het onderwijs. Onder leiding van De Argumentenfabriek is de denktank tussen december 2007 en juni 2008 zo'n vijftien keer bijeen geweest. Meer informatie op www.desterrenschool.nl
Introductie-essay: Vijfsterren onderwijs tegen gelijke kosten
Het primair onderwijs is al minstens honderd jaar op hoofdlijnen hetzelfde: er zijn juffen en (steeds minder) meesters, klassen en klaslokalen, en deze componenten worden steeds weer gecombineerd tot een standaard onderwijsproces dat zich gedurende een maand of negen per jaar voltrekt. De belangrijkste veranderingen, over zo’n lange periode bekeken, zijn het steeds korter worden van de lesweek, en het steeds kleiner worden van de klassen. In het primair onderwijs heeft de tijd stilgestaan – en als dat overdreven is, dan toch hooguit een klein beetje.
Dit kaartenboek is een poging het primair onderwijs (en omgeving) opnieuw te doordenken. Een groep mensen, werkzaam bij organisaties in en om het onderwijs (zie: De denktank van De Sterrenschool), is met een schone lei begonnen met als hoofdvraag: als we vandaag de dag opnieuw mochten beginnen met het primair onderwijs, hoe zouden we dat er dan laten uitzien? Het voordeel van zo’n aanpak is dat de denktank niet te veel gehinderd wordt door de huidige, historisch gegroeide gang van zaken.
Bij dit opnieuw doordenken heeft de denktank gebruik gemaakt van een (doodgewoon) model over organisaties (dat verderop in het boek wordt toegelicht). Zo’n model dwingt tot consistentie in het nadenken. Het begint bij de trends waarmee rekening moet worden gehouden bij het nadenken over de school, en loopt dan via het dienstenaanbod en de formule, via de organisatie, de organisatiecultuur en de mensen vanzelf over in de financiën.
Hoofdconclusie
De hoofdconclusie van deze denkexercitie is dat het primair onderwijs meer kwaliteit kan leveren dan nu tegen grofweg het huidige kostenniveau. Ouders en kinderen kunnen meer waarde krijgen voor de publieke onderwijseuro die nu via de schatkist aan de scholen wordt uitgekeerd. Of, anders geformuleerd: schoolorganisaties kunnen het rendement op de publieke onderwijseuro sterk verhogen. In plaats van het huidige driesterren onderwijs kan voor hetzelfde geld vijfsterren onderwijs worden aangeboden.
Om de vijf sterren van De Sterrenschool (zie kader) glimmend aan het firmament te krijgen, is een omslag nodig in het denken. Gechargeerd gesteld zijn scholen in het primair onderwijs nu vooral met zichzelf bezig: met hun eigen organisatie, de bemensing daarvan, en de eigenstandige logica van de provincie onderwijs. Het zou enorm helpen als scholen de blik naar buiten zouden richten. Wat zijn de noden van kinderen en ouders eigenlijk? Aan welke diensten hebben zij behoefte? Hoe kunnen scholen daaraan dienstbaar zijn. Het is, kortweg, de omslag van een producentenlogica (bezig met de fabriek) naar een dienstverlenerslogica (bezig met de klant).
Scholen hebben twee, samenhangende, groepen primaire klanten: kinderen én ouders. En hun behoeften aan dienstverlening wijken nogal af van het huidige aanbod, is de inschatting van de denktank. Kinderen én ouders hebben behoefte aan integrale dienstverlening, van vlak na de geboorte tot en met een soepele overgang naar het voorgezet onderwijs.
De huidige versnippering van het dienstenaanbod leidt, ten eerste, tot nodeloos gezeul met kinderen (van huis naar school naar opvang naar oppas naar sportclub naar huis) die zich steeds weer moeten aanpassen aan andere regels en regimes. Lastig voor kind en ouders. Twee: het belang van opleiding voor een mensenleven in de 21ste eeuw kan moeilijk worden overschat. De basis van de mogelijkheden van een kind op latere leeftijd wordt gelegd in de eerste jaren. Dat is dan ook het beste moment om eventuele achterstanden (cognitief, in gedrag of in fysieke ontwikkeling) aan te pakken en op te lossen. Voorschoolse educatie hoort daarom bij het dienstenaanbod van De Sterrenschool. Ook bijzondere talenten kunnen het beste zo vroeg mogelijk worden ontdekt en gekoesterd. En voor alle kinderen geldt: vooral de vaardigheden rekenen, lezen en taal zijn beslissend voor de keuze voor het vervolgonderwijs. Hierop moet dus de nadruk liggen. Drie is: het moderne leven. Na het tweeverdienersmodel is nu ook het eenouderhuishouden in opkomst: ouders hebben steeds minder tijd. In plaats van ouders te vertellen dat ze meer tijd moeten steken in de opvoeding en ontwikkeling van hun kinderen - en dat ze ‘vrijwillig’ moeten helpen op school - kunnen scholen beter diensten aanbieden die het leven voor de ouders makkelijker maken met de schaarse tijd om te gaan. Zo’n omslag van ‘fabrikant’ naar ‘dienstverlener’ heeft uiteraard allerlei consequenties voor de organisatie van de school, voor de mensen die er werken en voor de organisatiecultuur. Die gevolgen zijn op hoofdlijnen door de denktank ook doordacht en in kaart gebracht. We lichten er hier drie onderwerpen uit: samenwerking; de rol van moderne media en e-learning; en de factor tijd.
Samenwerking
Dat De Sterrenschool een integrale dienstverlener is, wil niet zeggen dat alle functies die daarvoor nodig zijn ook door De Sterrenschool zelf moeten worden verricht. De denktank heeft zich laten inspireren door het idee van de ‘shop in shop’, zoals dat bijvoorbeeld in De Bijenkorf gewoon is. Binnen het concept van De Bijenkorf hebben bepaalde merken hun ‘eigen’ stukje van het warenhuis. De Sterrenschool zou op soortgelijke wijze kunnen worden opgebouwd. Een separate kinderopvangonderneming, om dat voorbeeld te nemen, zou een vestiging kunnen hebben binnen De Sterrenschool.
De Sterrenschool en deze kinderopvangonderneming zouden dan (contractuele) afspraken moeten maken over de samenwerking. Die gaan dan zowel over de harde, infrastructurele kant (huur gebouw, ICT), over de dienstverlening (via de dienstenbalie van De Sterrenschool), over de cultuur (die bij Sterrenschool en kinderopvangonderneming, omwille van de continuïteit voor de kinderen, identiek moet zijn) en wellicht over de werknemers (die deels bij De Sterrenschool en deels bij de kinderopvangonderneming in dienst zouden kunnen zijn). Het spreekt vanzelf dat De Sterrenschool zulke constructies uitsluitend aangaat met partners die het idee van De Sterrenschool onderschrijven (zoals De Bijenkorf ook uitsluitend zaken doet met merken die bij dat van De Bijenkorf passen). Samenwerking is ook in nog een ander opzicht relevant: samenwerking tussen scholen, binnen of buiten de bestuurlijke eenheid waaronder een school valt. Voor sommige activiteiten is een zekere schaalgrootte nodig en het kan interessant zijn die schaalgrootte op te zoeken door samen te werken, virtueel of in het echte leven. Denk aan: drie scholen die leerlingen samenbrengen die een meer dan gemiddelde belangstelling hebben voor toneel. Of: scholen in elkaars buurt die een gezamenlijke vervoersdienst opzetten. De hoofdboodschap in deze is dus: door samenwerking met andere scholen en andere dienstverleners kunnen (makkelijker meer) diensten worden aangeboden aan ouders en leerlingen, de primaire klanten.
Moderne media en e-learning
In De Sterrenschool wordt op ruime schaal gebruik gemaakt van alle moderne vormen van ICT. Ouders en kinderen zijn dat gewend, van thuis en op het werk. Scholen in het primair onderwijs lopen in dit opzicht achter. Aan dat ICT-gebruik zitten een paar interessante kanten. Strikt economisch gezien is het toerusten van leerkrachten en leerlingen met meer ICT een manier om kosten te besparen (opdat het geld elders kan worden besteed). In de rest van de economie werkt dat al decennialang zo: omdat arbeid steeds schaarser en duurder wordt, is het lonend per werknemers meer kapitaal en technologie te investeren. Tien mensen met schep en kruiwagen zijn vervangen door een mens met graafmachine. Ook in beroepen die complex en mensgericht zijn is hiermee al veel ervaring opgedaan en succes geoogst (denk aan bankieren, of online psychotherapie). Maar het kostenargument is niet eens het belangrijkste. Met meer e-learning kan ook veel meer onderwijskwaliteit worden geboden. Kinderen kunnen leren via hun eigen leerstijl (lezend, kijkend naar foto’s en filmpjes, via schema’s) en een les net zo vaak herhalen als nodig is. Kinderen kunnen veel meer oefenen (de database met vragen is geduldig). Kinderen kunnen oefenen met wat zij, individueel, moeilijk vinden. Kinderen kunnen dus in hun eigen tempo aan hun eigen vaardigheden werken. Mensen eruit, machines erin – zo werkt het natuurlijk niet. In De Sterrenschool is op ruime schaal rekening gehouden met instructie en begeleiding bij het leren via de computer. Er zijn wel iets minder mensen, en de begeleiding kan soms worden gedaan door assistenten in plaats van leerkrachten. Naast e-learning zijn er allerlei ander (groeps)lessen, ook klassikaal, die op de Sterrenschool niet alleen door leerkrachten worden gegeven maar ook door (academisch geschoolde) vakdocenten. Asociaal? Sommigen mensen zijn huiverig voor de inzet van meer ICT in het onderwijs omdat het individualistischer zou zijn en a-sociaal. Maar kinderen (en jongeren) zien ICT juist bij uitstek als iets sociaals. Zowel via internet zelf (via MSN bijvoorbeeld, of online spelen) als fysiek: lekker met z’n vieren achter een beeldscherm. Via ICT kan bovendien zowel makkelijk samengewerkt worden, als geconcurreerd (om de eerste plaats bij de rekentoets bijvoorbeeld). De denktank van De Sterrenschool is daarom juist optimistisch over de toekomst van ICT in de klas.
Tijd Tijd is het meest raadselachtige fenomeen in het hedendaagse onderwijs. Het leven van ouders en kinderen speelt zich af in een heel andere tijdsdimensie dan dat van de scholen. Het werkzame leven van ouders is lastig te combineren met dat van de scholen (en kinderopvangorganisaties), wat een van de achtergronden is van de wereldbeker deeltijdwerk die Nederland al jaren in bezit heeft. Met tijd gaat De Sterrenschool daarom radicaal anders om. Het uitgangspunt is dat de school altijd open is, 52 weken per jaar, en dat ouders zelf veel vrijheid hebben bij het plannen van het schooljaar: er is zowel keuze voor het aantal dagen dat het kind naar school gaat (vier óf vijf), voor de vrije dagen als (binnen randvoorwaarden), voor vakanties. Dat klinkt misschien revolutionair, maar is in feite een normalisering. De ruime openingstijden hebben ook als gevolg dat kinderen die meer leertijd nodig hebben, die tijd ook kunnen krijgen. Achterstanden kunnen daarom sneller worden ingelopen.
Status Wat is de status van De Sterrenschool? De denktank beschouwt het als een werk- en denkmodel voor de primair onderwijs van de 21ste eeuw. Dat betekent enerzijds dat het de status heeft van een concept: in dit boek staat niet genoeg detail-informatie om morgen te beginnen met de bouw. De pretentie is in dat opzicht bescheiden. Anderzijds ziet de denktank De Sterrenschool wel als een model dat richting geeft aan de modernisering van het primair onderwijs. Een moderne school, die aan wil sluiten bij de ouders en kinderen van deze eeuw, zal er grofweg zo uitzien als De Sterrenschool die in dit boek wordt geschetst. In dat opzicht in de pretentie dus allesbehalve bescheiden. De denktank hoopt dat De Sterrenschool velen in het primair onderwijs zal inspireren om kinderen en ouders vijfsterren onderwijs te gaan leveren.
Frank Kalshoven, directeur De Argumentenfabriek Robert Giebels, senior kaartenmaker De Argumentenfabriek
Kader 1: De vijf sterren van De Sterrenschool * De school is het hele jaar open De Sterrenschool is het hele jaar open. Ouders kunnen zelf kiezen of ze hun kind vier of vijf dagen per week naar school laten gaan. Ook vakanties en vrije dagen kunnen, binnen grenzen, zelf worden gekozen. Daarom combineert De Sterrenschool makkelijker met werktijden van ouders en het privéleven. ** Eén adres voor alle kinderdiensten vanaf nul jaar De Sterrenschool levert een scala aan diensten voor kinderen vanaf nul jaar: van de crêche voor de kleinsten, via primair onderwijs en kinderopvang tot een soepele overgang naar het voortgezet onderwijs. Alle diensten worden aangeboden binnen hetzelfde klimaat en dezelfde cultuur, waardoor kinderen spelen, leren en opgroeien in een stabiele omgeving. Kinderen krijgen op De Sterrenschool gezond eten en drinken. *** Maatwerk voor ieder kind De Sterrenschool is een sociale school waarin veel in groepen wordt gewerkt. Maar leren is ook een individuele aangelegenheid. Tempo, leerstijl, oefenen – kinderen verschillen van elkaar. Daarom werkt De Sterrenschool met individuele leerlijnen en wordt veel gebruik gemaakt van met e-learning, in het eigen tempo van de leerling. Omdat kinderen jong op De Sterrenschool komen, worden (leer)achterstanden vroeg ontdekt en opgelost. **** Uitblinken in rekenen, taal en lezen Op De Sterrenschool wordt veel gespeeld en gesport. In combinatie met het gezonde eten en drinken helpen we zo zwaarlijvigheid te voorkomen. Ook voor creatieve vakken is er ruimte. Maar de nadruk ligt bij De Sterrenschool op rekenen, taal en lezen. Daar zijn ook academisch geschoolde vakleerkrachten voor. In die vaardigheden ligt de sleutel tot succes in het vervolgonderwijs. Zwakke leerlingen kunnen daarom ook meer uren naar school komen dan anderen. ***** Binding met de buurt De Sterrenschool heeft een sterke binding met de buurt. De faciliteiten van de school – de mediatheek, de ruimtes, de copyrette, de maaltijdservice om een paar voorbeelden te noemen – staan open voor gebruik door buurtbewoners. Delen van het curriculum van de school worden vastgesteld na overleg met de belanghouders in de omgeving.
Kader 2: De Denktank van De Sterrenschool Dit kaartenboek is bedacht door een denktank van mensen die werkzaam zijn bij organisaties in en om het onderwijs. Onder leiding van De Argumentenfabriek is de denktank tussen december 2007 en juni 2008 zo’n vijftien keer bijeen geweest. In de denktank dachten mee: Body Bosgra, onderwijsuitgever Antoinette Erdmann, Dotcomschool Ton Duif, Algemene Vereniging Schoolleiders Henk Hendriks, onderwijsadviesbureau Van Beekveld en Terpstra Marieke Huber, Sectorbestuur Onderwijsarbeidsmarkt Henkjan Kok, IJsselgroep Jo Koot, Stichting Prisma Almere Frans Schouwenburg, Stichting Kennisnet Meindert Eijgenstein, Stichting Prisma Almere Kees Swart, Stichting Spoor |